Romeinse Veldtocht Berg en Dal – Nijmegen

Dit is een van de zeven routes uit de wandelgids ‘Romeinse Veldtochten’ langs de noordgrens van het Romeinse Rijk. In de rijk geïllustreerde gids staan tevens boeiende themaverhalen van de hand van historica Ester Smit, over het dagelijks leven van de Romeinen en de oorspronkelijke bewoners van het gebied.

Een uitkijkplatform in het Kerstendal van Berg dat een fraai uitzicht biedt op het voormalige aquaduct van de Romeinen. Vanaf Berg en dal liep een kilometers lang traject van via de bossen aan de Meerwijkselaan naar het Kops Plateau waar de Romeinen hun legerplaats hadden ingericht.


Sterrenbos op Watermeerwijk. Achter het hek aan de Meerwijkselaan bevindt zich een zogenaamd sterrenbos. Het zijn kaarsrechte lanen die zijn aangelegd in een krans om een heuveltop. Dit is een zeldzaam gaaf voorbeeld van een van de oudste sterrenbossen uit de omgeving. Rond 1750 is dit sterrenbos aangelegd. De aanleg van een dergelijk sterrenbos had behalve esthetische motieven ook heel praktische doeleinden: de heer des huizes kon bovenop de heuvel rustig wachten tot een ree, hert of wild zwijn zich waagde op een van de lanen, om vervolgens het dier af te schieten. Watermeerwijk is nog steeds in particuliere handen en niet toegankelijk voor publiek.

Het Kops Plateau is een hoge vlakte en verlaten stuk groen in het oosten van Nijmegen dat ooit deel uitmaakte van een Romeinse versterking op de noordgrens van het Romeinse Rijk. Dit is dé plek van waaruit 2000 jaar geleden de ontwikkeling van Romeins Nederland werd geregisseerd en in meerdere tijdsvakken door verschillende volkeren werd bewoond. In het jaar 12 v.Chr. vestigden de eerste Romeinen zich op het Kops Plateau. Met de komst van de Romeinen brak er een nieuwe periode aan voor dit gebied. Het plateau kreeg een bijzondere functie, namelijk dat van een commandocentrum. Vanuit het Kops Plateau stuurden hoge Romeinse officieren de strijd aan. Dit weten we omdat er sporen zijn gevonden die erop wijzen dat er een groot aantal officierswoningen heeft gestaan.

Het Hunnerpark ligt aan de rand van de stuwwal uit het Saale-glaciaal op een plek die vroeger Hoenderberg genoemd werd en waarop een schans gelegen was. Het park werd tussen 1876 en 1884[1] gecreëerd toen de stadsmuren in Nijmegen afgebroken werden. Er waren plannen om een villapark op de locatie te bouwen, maar het park werd aangelegd naar een ontwerp van de Leuvense tuinarchitect Liévin Rosseels. Aan één zijde werd de stadsmuur bewaard en in het park ligt een monumentale voetbrug.

Het Valkhof is historisch gezien wellicht de meest interessante plek van Nederland. Aan deze strategische heuvel, die hoog uittorent boven de Waal, is bijna de hele geschiedenis van West-Europa af te lezen. Romeinen bouwden hier een vesting en bleven 400 jaar. Karel de Grote bouwde er een palts (paleis).
Vikingen overwinterden hier en staken de burcht in de brand. Tal van keizers van het Heilige Roomse Rijk resideerden hier. In 1155 voltooide keizer Frederik I Barbarossa de burcht met zijn enorme woontoren of donjon. Het Valkhof heeft zijn naam te danken aan de valken die gehouden werden op het voorhof van het kasteel. Honderd jaar later kwam het Valkhof in bezit van de graven en hertogen van Gelre. Zij bouwden het burchtcomplex uit tot het kasteel dat bekend is van talloze schilderijen en prenten. Alle landschapsschilders uit de 17e eeuw werden aangetrokken door dit on-Hollandse beeld van een stad aan de rivier met een stoer kasteel op een heuvel. Maar de gloriedagen van het Valkhof waren toen allang voorbij. Meer dan zes eeuwen domineerde de reuzentoren van het Valkhof het stadsbeeld. Samen met de Stevenskerk aan de andere kant van de stad vormde het de blikvanger voor iedereen die Nijmegen naderde. Tot het jaar 1795. Nieuwe ideeën waaide van de Franse Revolutie over naar Nederland. De Valkhofburcht werd gezien als symbool van ouderwets, Middeleeuws feodalisme en werd gesloopt. Twee kasteelresten werden gespaard van de slopershamer: de St.-Nicolaaskapel en de Barbarossaruïne. Op de heuvel werd een park aangelegd in Romantische stijl, waar kan worden genoten van het uitzicht over de Waal.

Op een wand van het Groene Balkon bevindt zich dit kleurrijke mozaïek uit 1966, waarop een schip met volle zeilen is afgebeeld met links van de mast Moeder Gods met kind in een kleurrijk gewaad. Rechts van de mast staat Sint Nicolaas, de patroonheilige of beschermer van de schippers. Volgens een legende raakte bij een onverwachte hevige storm een schip met pelgrims in gevaar. De mast stond op breken en de zeilen klapten dubbel. In nood riepen de pelgrims Nicolaas te hulp, die de storm tot bedaren bracht. In de bisschopskerk van Myra herkennen de schepelingen Sint Nicolaas. Zo wordt hij de beschermheilige van de schippers. Ook zou Nicolaas meerdere malen de mensen tegen demonen hebben beschermd. Dit gegeven is ook terug te vinden in de mozaïekvoorstelling: Nicolaas houdt in zijn hand een staf waarbij hij een monster verwondt.

De Stevenskerk verrees op de nog vrijwel onbebouwde Hundisburg. Sindsdien is de kerk al bijna acht eeuwen dé skylinebepaler van de stad. Met de bouw van de kerk werd omstreeks het midden van de 13e eeuw begonnen. In 1273 werd de kerk gewijd door Albertus Magnus (Albertus de Grote) de wijbisschop van Keulen, van wie nog een reliek aanwezig is in de Grafkapel. Van deze romaans-gotische kerk resteren de onderbouw van de toren en de meest westelijke traveeën van het schip. Grootscheepse nieuwbouw vond plaats in de loop van de 15e eeuw, onder meer het koor en de straalkapellen. In de 16e eeuw bouwde men aan het transept en een klein deel van het schip. Na circa 1560 stokte de bouw, waardoor de kerk onvoltooid bleef. De toren kreeg in de 15e eeuw een nieuwe klokkenverdieping. Bij het bombardement op 22 februari 1944 stortte de toren voor een belangrijk deel in. Daarbij werd het zuidwestelijke deel van de kerk zeer zwaar beschadigd. De kerk liep ook grote schade op in de periode dat Nijmegen frontstad was. Na de Tweede Wereldoorlog is de kerk grondig gerestaureerd en werd in 1969 feestelijk heropend in bijzijn van Z.K.H. Prins Claus. De inventaris van de kerk – te weten kansel, grafmonument voor Catharina van Bourbon, doophek, herenbanken, kaarsenkronen, orgels en een aantal fresco’s – zijn uit de 16e, 17e en 18e eeuw.

Bekijk alle foto’s van de wandeling Romeinse Veldtocht Berg en Dal – Nijmegen hieronder